Wetsvoorstel Ine: opname sondevoeding voor volwassenen in maximumfactuur

De ziekteverzekering voorziet in een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten van een enterale voeding die ten huize van de rechthebbende wordt toegediend. De terugbetaling door de ziekteverzekering is ontoereikend waardoor de  kosten ten laste van de patiënt toch nog tussen de 150 en 500 euro per maand bedraagt. Het verschil in kosten hangt samen met het type voeding en het gebruikte materiaal.

Om die kost te milderen werd voor -19-jarigen het persoonlijk aandeel opgenomen in de maximumfactuur (art. sexies WZIV). Voor volwassenen werden de remgelden nog niet opgenomen in de maximumfactuur.

Dit voorstel wil de remgelden voor enterale voeding via sonde of stoma ook voor volwassenen opnemen in de maximumfactuur. Er is immers geen reden denkbaar voor dit verschil in behandeling aangezien de medische noodzaak dezelfde is voor -19-jarigen en +19-jarigen. Vandaag wordt vastgesteld dat een aantal mensen omwille van deze zeer hoge kost, hun voeding beperken.

Teneinde dit budgettair mogelijk te maken geven we de koning de bevoegdheid om de groepen van patiënten aan te duiden waarvan de kosten  voor enterale voeding wordt openomen in de maximumfactuur worden opgenomen en een begrensd bedrag aan remgelden vast te stellen dat wordt opgenomen in de maximumfactuur om zo gefaseerd finaal te komen tot een volledige opname van de remgelden in de maximumfactuur voor alle doelgroepen.